Hoe het begon voor Éric Cantona

Éric Cantona kende een zeer bewogen loopbaan als voetballer. Waar hij de ene keer in het nieuws kwam door zijn geweldige acties op het veld, kwam hij dat de volgende keer door zijn gedrag buiten de lijnen. Het begon allemaal bij Sports Olympiques Caillolais, waar hij op zesjarige leeftijd begon en later een transfer verdiende naar zijn eerste profclub.

Al op jonge leeftijd was Éric niet bang om zijn mening te geven. Als jeugdspeler van SO Caillolais, op dat moment een van de meest gerespecteerde clubs wat betreft het opleiden van jeugdspelers, stond hij tijdens zijn eerste wedstrijden op doel. Zijn vader Albert was ook doelman en de trainers dachten dat Éric als vanzelfsprekend ook op doel wilde staan. De jonge Cantona had het na een wedstrijd onder de lat wel gezien. Hij wilde zijn creativiteit laten zien als spits. Na zijn carrière zei Cantona er het volgende over: “Als voetballer probeerde ik altijd creatief te zijn. Ik had nooit een defensieve rol kunnen spelen in een team, dan zou ik namelijk genoodzaakt zijn geweest om de creativiteit van een andere speler tegen te werken. Dat wilde ik niet.”Een paar weken later, op een toernooi voor spelers jonger dan twaalf jaar in Cannes, kreeg Éric zijn zin. Hij mocht starten als spits en Les Callois won het toernooi, aan de hand van een ontketende Cantona. Hij werd zelfs verkozen tot de beste speler van het toernooi. Af en toe keepte hij ook nog wel een wedstrijdje, maar vanaf dat moment was Éric in de belangrijke wedstrijden de onbetwiste nummer negen.

Cantona speelde uiteindelijk meer dan tweehonderd wedstrijden voor SO Caillolais, waarvan er maar een handjevol werden verloren. Niemand weet precies hoeveel doelpunten hij maakte in die periode bij de club, maar het moeten er honderden zijn geweest. De kwaliteit van zijn eerste aanname en zijn zelfverzekerdheid oog in oog met de keeper zorgden ervoor dat Éric een van de beste, zo niet de beste speler werd in de historie van Les Callois.

Toen Cantona vijftien jaar oud was speelde hij nog steeds bij zijn eerste club. De interesse van de grote clubs uit de regio bleef lang uit. Hij speelde een keer een testwedstrijd, waarbij onder meer scouts van Olympique Marseille en OGC Nice aanwezig waren, twee grote clubs uit de regio. Het waren echter niet deze clubs die interesse toonden. AJ Auxerre, dat destijds net een paar jaar een volledig professionele club was, had ook een aantal scouts gestuurd. De ploeg speelde net in de hoogste divisie en was opzoek naar jonge talenten om hun jeugdopleiding mee te versterken.

Guy Roux, de hoofdcoach van Auxerre, reed een aantal keer van Noord- naar Zuid-Frankrijk om Cantona aan het werk te zien. Hij was duidelijk onder de indruk. Ze nodigden Éric uit om een aantal testwedstrijden te spelen. De jonge Cantona accepteerde dat aanbod. Hij speelde prima en had het naar zijn zin tijdens die korte periode in Auxerre. Toch had Roux zijn zo gewilde jeugdspeler nog niet binnen.

De prestaties van Éric vielen ook op in Nice. Een grote domper voor Roux, aangezien Nice qua statuur een veel grotere club was dan Auxerre op dat moment. Cantona ging op gesprek bij Nice en Roux dacht dat hij zijn topper in spé kwijt zou raken. Nice leek zijn hand echter te overspelen, ze dachten dat de status van de club Éric er toe zou bewegen zonder na te denken voor ze te kiezen. Dat hadden ze mis. Éric vroeg, nadat het gesprek afgelopen was, om een shirt van de club. Toen hem gezegd werd dat hij er dan wel voor moest betalen, vertrok hij teleurgesteld naar huis.

Tijdens de periode van testwedstrijden in Auxerre speelde Cantona samen met een aantal andere talenten waarmee hij het goed kon vinden. Roux denkt lachend terug aan die dagen. “Er waren meerdere jeugdspelers aanwezig toen: Galtier, Darras, Mazzolini en natuurlijk Éric. Het was voor die jongens volgens mij meer een soort vakantie dan een week met testwedstrijden. Ze waren vooral onder de indruk van het zwembad. Helemaal geen groot bad, maar het leken wel kleuters toen ze in het water lagen.”

Het was echter niet het zwembad dat Cantona er toe deed besluiten voor de club uit het noorden van Frankrijk te kiezen. Ook hier vroeg hij na een afsluitend gesprek met Roux om een shirt van de club. “Een shirt was nogal wat in die tijd”, zei Roux in de autobiografie Cantona; The Rebel Who Would Be King. Toen Roux bij het vertrek van Cantona een aantal tenues in zijn rugzak stopte, had de jongen zijn keuze gemaakt. Éric moest alleen zijn ouders nog overtuigen. Hij vond dat hij klaar was voor de overstap naar Noord-Frankrijk. De eerste beslissing die hij in zijn eentje had genomen, bleek later een van de beste uit zijn leven te zijn.

Internationaal voetbal na de beruchte Brexit

De Brexit komt steeds dichterbij. Dit brengt veel veranderingen met zich mee, ook in de voetbalwereld. Zoals het er nu voor staat komen er maar drie van de negentien Nederlandse voetballers in aanmerking voor een werkvergunning. Ook bestaat de kans dat wereldtoppers als David de Gea en Juan Mata niet meer in aanmerking komen voor een werkvergunning, omdat ze recentelijk te weinig interlands hebben gespeeld. Toch zijn dit niet de enige gevaren van de Brexit.

Weinig verandering

Er zijn tal van criteria waaraan een voetballer moet gaan voldoen wil hij in aanmerking komen voor een werkvergunning in Engeland. Zo moet een speler aan minstens 45% van alle interlands van zijn land over de laatste twee jaar mee hebben gedaan. Dit kan grote gevolgen gaan hebben. “Er wordt verwacht dat er voor het voetbal afspraken gemaakt gaan worden waardoor er niet veel gaat veranderen”, geeft Danny Hesp, voorzitter van de Vereniging voor Contractvoetballers aan. “Men wil in Engeland natuurlijk wel dat de competitie op hetzelfde niveau blijft.” Uit deze uitspraken blijkt dat men nog geen duidelijk beeld heeft van wat een Brexit kan gaan betekenen binnen de voetbalwereld.

 

Onzekerheid

In maart gaat premier May van Engeland een artikel 50 in werking stellen. Dit betekent dat het Verenigd Koninkrijk binnen twee jaar een nieuw handelsverdrag af moet sluiten met de Europese Unie. Krijgen ze toegang tot de financiële markt en krijgen mensen uit het Verenigd Koninkrijk vrije toegang tot landen van de Europese Unie? Mogen bedrijven uit het Verenigd Koninkrijk exporteren naar landen uit de Europese Unie? Allemaal vragen die bij het opstellen van een nieuw handelsverdrag aan de orde komen. Weten ze het handelsverdrag niet binnen twee jaar af te sluiten dan volgt er een periode van onzekerheid.

‘Een Brexit kan grote gevolgen gaan hebben’ – Danny Hesp

41 miljard euro

Het Verenigd Koninkrijk heeft altijd meebetaald aan het meerjarenplan van de Europese Unie. In dit plan staat aangegeven hoeveel de Europese Unie gaat besteden. “Voor het Verenigd Koninkrijk gaat het om een bedrag van ongeveer 41 miljard euro”, aldus adviseur Binnenlandse Zaken Bart van Horck. Dit geld is de Europese Unie nu gewoon kwijt, omdat Engeland heeft besloten uit de Unie te stappen. De 41 miljard euro is reeds besteed, waardoor de andere lidstaten hier de dupe van worden. “Mede hierdoor moeten de Britten zich meegaand opstellen in wat Europa wil”, gaat Van Horck verder. “Bijna iedereen denkt dat het allemaal wel goed gaat komen. Nou geloof me, dat gaat niet meevallen! De rest van Europa heeft echt zoiets van: we gaan eens even een voorbeeld stellen. Wil je als land uit de Europese Unie treden, oké doe je best. Wij helpen je er niet mee.”



Internationale handelspolitiek

Het gaat dus niet makkelijk worden voor het Verenigd Koninkrijk om de relaties met de Europese Unie te herstellen. Er moet volgens Van Horck ook rekening worden gehouden met kennis die binnen de Europese Unie altijd beschikbaar was, maar nu dus wegvalt. “Internationale handelspolitiek was voorheen exclusief aan de Europese Commissie bedeeld”, legt Van Horck uit. “Dit betekent dat alle kennis hierover op het moment in Brussel (EU) zit. Stapt het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie, dan kan er geen gebruik meer worden gemaakt van deze kennis. Op dit moment zijn er in het Verenigd Koninkrijk geen mensen met kennis wat betreft internationale handelspolitiek.”

Nou denken veel mensen waarschijnlijk dat dit geen groot probleem is, maar Van Horck windt er geen doekjes om. “De Europese Unie heeft namelijk direct gereageerd op het besluit van het Verenigd Koninkrijk om de Brexit door te voeren. Alle mensen met specialistische kennis over het onderwerp internationale handelspolitiek binnen de Europese Commissie hebben namelijk een contactverbod gekregen met mensen uit het Verenigd Koninkrijk. Europa zit er heel geharnast in, ze zijn echt niet van plan om het Verenigd Koninkrijk te helpen.”

‘De Europese Unie zit er heel geharnast in, ze zijn niet van plan te helpen’ – Bart van Horck

‘Het komt wel goed’

Aan de hand van deze uitspraken mag je concluderen dat er op dit moment veel te makkelijk wordt gedacht over de Brexit. Iedereen denkt dat het allemaal wel goed komt. Danny Hesp gaf ook duidelijk aan dat hij de gevaren van een eventuele Brexit wel inziet, maar denkt dat er wel tijdig regelingen worden getroffen. “Theoretisch gezien komen veel spelers in de problemen als er niets gaat veranderen aan de regels”, aldus Hesp. “Mochten er geen regels gemaakt worden dan denk ik niet dat de spelers uit de Premier League in de problemen komen, want die vinden waarschijnlijk binnen no-time een andere club. Voor de wat mindere spelers kan het wel een probleem worden.”

Jeugdtransfers

Toch zijn er ook interessante punten aan een Brexit. Op het moment zijn internationale jeugdtransfers binnen het voetbal niet toegestaan. Volgens Royce de Vries van PR Sportsmanagement gaat dit betekenen dat Engelse clubs pas spelers uit de Europese Unie mogen kopen vanaf een leeftijd van achttien jaar of ouder. “De regelgeving omtrent jeugdtransfers is vanuit de FIFA opgelegd. In de Europese Unie mogen spelers van club wisselen vanaf een leeftijd van zestien jaar of ouder. Buiten de Europese Unie mag dat pas vanaf achttien jaar.”

 

Interlands

Zoals eerder vermeld moet een speler 45% van alle interlands over de laatste twee jaar mee hebben gespeeld om in aanmerking te komen voor een werkvergunning in het Verenigd Koninkrijk. Op dit moment komen dus maar drie van de tweeëntwintig Nederlandse spelers in het Verenigd Koninkrijk in aanmerking voor een werkvergunning. “Voor ons gaan de regels weinig uitmaken”, aldus zaakwaarnemer De Vries. “Wij zijn van mening dat een Nederlandse speler eerst door moet breken in Nederland voordat ze klaar zijn voor een stap naar Engeland.”

‘Ik verwacht niet dat er veel gaat veranderen’ – Royce de Vries

Uit de reacties van Hesp en De Vries komt duidelijk naar voren dat ze denken dat alles wel goed gaat komen. Ze zeggen dat er voor het voetbal andere regels gemaakt gaan worden, zodat spelers geen hinder gaan ondervinden wanneer ze naar Engeland getransfereerd worden. Volgens Van Horck gaat dit absoluut niet gebeuren, hij denkt zelfs dat het lastig wordt voor het Verenigd Koninkrijk om zelfstandig verder te gaan. Het wordt schrikbarend duidelijk dat er binnen het voetbal te makkelijk wordt gedacht over een Brexit. Het gaat waarschijnlijk een stuk moeilijker worden dan er nu door velen wordt gedacht!

Nederland en zijn geweldige scheidsrechters

KNVBBWe roepen het wel vaker in Nederland. Wat mogen we toch blij zijn dat we zo’n beetje het beste scheidsrechterskorps van Europa, misschien wel van de wereld hebben. Eerlijk toegegeven, met Björn Kuipers hebben we ook één van ’s werelds beste scheidsrechters. Maar wat er daarna volgt is een lijst met scheidsrechters waarvan een groot deel nog niet het niveau heeft dat we verwachten. Dit zorgt er niet alleen voor dat mensen zich daar mateloos aan ergeren, maar dat voornamelijk de kleine teams het zwaar te verduren krijgen.

Neem de wedstrijd van Heracles Almelo tegen Feyenoord van afgelopen weekend. Dat het lastig is om in een gigantisch sfeervolle Kuip te fluiten begrijp ik, maar daarvoor ben je opgeleid tot scheidrechter toch? Je moet kunnen presteren onder druk. Scheidsrechter van dienst was Bas Nijhuis, naar mijn mening één van de betere scheidsrechters van Nederland. Maar weer liet hij zich beïnvloeden door een groot stadion, en wat me de laatste tijd opvalt is dat de uitspelende en meestal ‘kleinere’ club hiervan de dupe is. Tegen Heracles was er die vreselijk irritante Michiel Kramer die de hele boel liep op te naaien, Gustafson die het een goed idee vond om Fledderus een elleboog tussen de ribben te geven en nogmaals Kramer die na het tweede doelpunt van Feyenoord besloot om even langs te gaan bij Wout Weghorst en kort daarvoor Ramon Zomer zelfs een rode kaart had aangesmeerd. Maar daar hadden we het niet over.

Ik betrap de scheidsrechters er steeds vaker op dat ze het makkelijker vinden om voor zo’n vol stadion bij Ajax, Feyenoord en PSV voor de thuisploeg te fluiten. Ongelooflijk, maar waar. Dit gebeurt niet alleen bij de scheidsrechters die nog niet zo lang meelopen, maar ook bij gerenommeerde namen als Kuipers, Nijhuis en Van Boekel. Waar wordt een scheidsrechter voor opgeleid bij de KNVB? Om een wedstrijd zo goed mogelijk, neutraal en onpartijdig te fluiten. Wordt het ze tijdens de opleiding niet geleerd om te gaan met een volgepakt stadion? Misschien is de druk ook wel hoog als je in een vol stadion staat te fluiten, maar als je daar niet tegen kan moet je niet gaan fluiten in de Eredivisie.

Menig voetbalsupporter vindt het prachtig dat de ‘traditionele’ top drie op het moment weer in de race is om het kampioenschap. Naar mijn mening steeds maar weer geholpen door de scheidsrechters. Menigeen zal zeggen dat dit onzin is, maar let er maar een keer op tijdens een wedstrijd. Een speler van Ajax, Feyenoord of PSV trekt aan het shirtje van zijn tegenstander. De scheidsrechter fluit, geeft een vrije trap aan de tegenstander. Logisch toch? Probeert de tegenstander dit bij een speler van één van die drie clubs is er een gele kaart voor de speler in kwestie. Dit soort kleine dingen zorgen ervoor dat de grotere club altijd in het voordeel is. En, met een klein beetje cynisme in mijn stem, durf ik best te zeggen dat dit ervoor gezorgd heeft dat de traditionele top drie het op het moment zo goed doet.

Crisis bij FC Twente

FC_Twente_EnschedeDat er op het moment weinig geld beschikbaar is bij FC Twente was iedereen al wel duidelijk. Eerst wisten ze dat nog redelijk op te vangen met de prestaties van de jongere spelers en met de exceptionele kwaliteiten van Hakim Ziyech op het middenveld. Maar nu ook Ziyech klaar is met het beleid van FC Twente lijkt de club steeds verder af te dalen naar de onderste regionen van de ranglijst.

Als je als club weinig geld te besteden hebt moet je creatief zijn. En dat was Twente aan het begin van het seizoen. Er werden niet zoveel punten gepakt als in voorgaande seizoenen, maar dat was ook niet te verwachten met zo’n uitgedunde spelersgroep. Er kwamen een aantal huurlingen bij, zoals Olaitan en Agyepong, maar deze spelers hebben niet de kwaliteiten om een team op sleeptouw te nemen. De huidige aanvoerder van Twente, Hakim Ziyech, heeft deze kwaliteiten wel. Vanuit het niets kan Ziyech een doelpunt maken of een geniaal passje geven om een medespeler vrij voor het vijandelijke doel te zetten. Dat was aan het begin van het seizoen ook de redding van FC Twente, bij elk doelpunt dat gemaakt werd was Ziyech betrokken.

Maar nu ook Ziyech begint te klagen over de bestuurlijke chaos bij de club lijkt er geen redden meer aan. Hij heeft in de media al een aantal keer aangegeven dat hij vertrekt als er een goed bod voor hem komt. Prima, dat mag hij denken, maar het mag niet ten koste gaan van zijn prestaties. En dat gaat het op het moment wel. Ziyech loopt als een inspiratieloze zoutzak over het veld en straalt niets meer uit, terwijl dat als aanvoerder wel nodig is in deze moeilijke tijden. De media prijzen hem nog steeds de hemel in terwijl zijn spel zeer matig is. Hij schiet er soms vanuit een onmogelijke hoek nog wel een doelpunt in, dat is natuurlijk een kwaliteit. Maar dat wat hij aan het begin van het seizoen wel deed, het hele team op sleeptouw nemen, doet hij niet meer.

Maar het kan nog erger. Deze week kwam er informatie naar buiten wat betreft het contract van FC Twente met investeringsmaatschappij Doyen. Zo blijkt dat Shadrach Eghan en Kyle Ebicilio voor het eind van dit seizoen verkocht moeten worden. Doet Twente dat niet, dan moet het een boete van 1,4 miljoen betalen aan Doyen. Dit is een bedrag dat Twente in de huidige financiële situatie niet op kan hoesten. Ook stond er opvallende informatie in over voormalig Twente spits Castaignos. Hij kreeg per gewonnen punt liefst 1250 euro, bovenop zijn gewone salaris. Tadic kreeg een automatische bonus voor iedere februarimaand waarin hij nog onder contract stond.

Aldo van der Laan, één van de zakkenvullers die nog over was in het bestuur bij Twente heeft ook maar besloten om zo snel mogelijk op te stappen. De problemen worden alsmaar groter en daar wil hij geen deel meer van uitmaken. Er zitten alleen nog maar zakenmannetjes met persoonlijke belangen bij FC Twente. Ze maken de club van binnenuit kapot.

Nu de KNVB gestart is met een onderzoek naar het contract van FC Twente met investeringsmaatschappij Doyen moet men vrezen voor het ergste. Twente kan punten in de mindering krijgen, wat niet al te best uitkomt omdat ze momenteel al 15e staan in de Eredivisie. Met punten in de mindering komt degradatie alleen maar dichterbij. De geldboete kan aanzienlijk zijn, dat komt Twente in de huidige financiële situatie ook niet goed uit. Gedwongen degradatie is het doemscenario voor Twente, maar die kans is zeer reëel als blijkt dat de regels overtreden zijn.

Het is al een aantal jaar overleven voor FC Twente, maar nu lijkt het dan alsnog verkeerd te gaan met de club uit Enschede. Gedwongen degradatie komt dichterbij. De club wordt van binnenuit kapot gemaakt en als er niet snel wat gebeurt is de club binnen de kortste keren niet alleen gedegradeerd, maar misschien zelfs failliet.

 

 

Einde tijdperk Cruijff funest voor Nederlands voetbal

Johan Cruijff

Johan Cruijff

Het is crisis bij Ajax. De prestaties van het eerste elftal laten te wensen over en ook binnen het bestuur zijn er steeds meer meningsverschillen. Vorige week was er al het conflict met Wim Jonk. Hij moest vertrekken omdat er volgens Ajax een onoverbrugbaar meningsverschil was tussen hem en de club. Vervelende was dat Jonk er via social media achter kwam. Hier ging hij niet mee akkoord en hij dreigde zelfs naar de arbitragecommissie te stappen.

Uiteindelijk is deze kwestie redelijk gesust, maar hieruit blijkt wel een gebrek aan vertrouwen tussen één van de belangrijkste, zo niet het belangrijkste figuur binnen de jeugdopleiding van Ajax en de bestuurders van de club.

En wat blijkt vandaag uit het column van Johan Cruijff in de Telegraaf? Hij stopt er ook mee. Ajax voert zijn plannen uit onder de naam ‘Plan Cruijff’. Probleem is dat Cruijff het helemaal niet eens is met hoe deze plannen uitgevoerd worden, zo blijkt uit zijn column. ‘’Al jarenlang stel ik vast dat de kern van mijn visie niet binnen Ajax wordt uitgevoerd. Daar komt bij dat ik steeds sterker het gevoel heb gekregen dat dit bewust gebeurt. En aan spelletjes doe ik niet mee’’. Cruijff wil niet meer dat zijn naam genoemd wordt bij de plannen van Ajax, hij is helemaal klaar met het bestuur van de club.

Zoals ik in een van mijn eerdere berichten al heb gezegd, vindt Ajax zich nog steeds de beste club van Nederland. Valt ook wel iets voor de zeggen, want Ajax werd van de laatste vijf seizoenen in de Eredivisie vier keer kampioen. Geen enkele Nederlandse club won de Eredivisie zo vaak als Ajax. Maar je hebt naar mijn mening niets aan resultaten uit het verleden. De huidige generatie spelers, niet alleen bij Ajax, maar bij vrijwel elke club in Nederland, is niet genoeg met hun sport bezig. De clubs in het buitenland zorgen er voor dat hun spelers zich ook echt als topsporters gedragen. In Nederland is dat niet zo, de spelers krijgen te veel ruimte om te doen wat ze willen.

De bestuurlijke chaos bij Ajax is een goed voorbeeld van hoe we er op het moment voorstaan in Nederland. Bestuursleden die elkaar niet meer vertrouwen en spelers zonder professionele instelling. We worden zo onderhand het lachertje van Europa. Er zijn mensen zoals Cruijff, van Hanegem en andere voormalig topsporters, die er voor willen zorgen dat de Nederlandse competitie over een paar jaar weer mee gaat doen met de beste competities in Europa. Maar ze krijgen bij de clubs die ze adviseren, die ze willen helpen, geen respect meer. Dit wordt de ondergang van de Nederlandse clubs. De mensen die er echt verstand van hebben zetten we zonder pardon bij het oud vuil. De verkeerde personen komen aan de macht bij clubs in de Eredivisie, de zakenmannetjes, mensen zonder verstand van voetbal. En personen die het verschil kunnen maken, mensen met fatsoenlijk voetbalverstand die hun beste beentje voorzetten, krijgen daarvoor niet meer de kans.

De teloorgang van het Nederlandse voetbal

KNVBHet Nederlandse voetbal is bezig aan een aftocht naar de kelders van het Europese voetbal. De resultaten van de clubs in Europa zijn niet goed genoeg, we worden voorbijgestreefd door voetballanden zoals Zwitserland en Oostenrijk. Het probleem ligt bij de mensen binnen het Nederlandse voetbal. We vinden onszelf nog steeds één van de beste voetballanden van Europa, terwijl dat in principe al jaren niet meer zo is. De tweede plek op het WK van 2014 in Brazilië was een positieve uitzondering, maar deze tweede plaats werd bereikt door vol op resultaat te spelen.

Na de teleurstelling van het niet halen van het EK 2016 in Frankrijk ziet de toekomst er niet bepaald rooskleurig uit voor het Nederlandse voetbal. De generatie Robben, van Persie en Sneijder kan het niveau op het moment nog aan, maar tegen de tijd dat er weer gespeeld moet worden om kwalificatie voor het WK 2018 te bewerkstelligen zijn deze spelers over hun top. Daarom heeft Blind ervoor gekozen om van Persie niet meer op te roepen voor het Nederlands Elftal. Op zich is dat te begrijpen, want op het moment dat het WK 2018 gespeeld gaat worden is van Persie waarschijnlijk al gestopt. Wat Blind zich alleen niet beseft is dat we op dit moment geen goede opvolger voor van Persie in huis hebben. Bas Dost is een ander soort spits en Klaas-Jan Huntelaar heeft nog nooit écht gepresteerd in Oranje.

Niet alleen voor de spitspositie heeft Blind nu dus een probleem, dit geld eigenlijk voor bijna alle posities. Hakim Ziyech, één van de weinige creatieve spelers die nog op de nummer 10 positie kan spelen, heeft gekozen voor het nationale team van Marokko. Hij was over een paar jaar de perfecte opvolger geweest van Wesley Sneijder. De verdediging van Oranje is ook niet meer wat het geweest is. Louis van Gaal speelde in 2014 al met vijf verdedigers om zo de risico’s te verkleinen. Hier gingen Hiddink en Blind de fout in. Door weer met vier verdedigers te gaan spelen werden ze achterin een aantal keer totaal overlopen. Niet alleen door Tsjechië, Turkije en IJsland, maar ook door de mindere landen als Letland en Kazachstan.

En dan zijn we nog niet klaar, want de Nederlandse clubs doen het slecht in Europa. PSV kan zich knap staande houden tegen ploegen als Manchester United en Wolfsburg, maar verliest dan weer onnodig van CSKA Moskou. Het is de wisselvalligheid die er voor zorgt dat de Nederlandse clubs niet meer serieus worden genomen in Europa. Neem nou Ajax, die hele club heeft het idee dat ze nog steeds de beste zijn van Nederland en die arrogantie stralen ze uit als club. Ze verwachten dat ze zich voetballend nog steeds kunnen meten met de besten van Europa, terwijl het tegendeel al lang bewezen is.

De Nederlandse teams in de Europa League doen het ook niet bepaald goed. AZ is erg wisselvallig en weet geen enkele wedstrijd negentig minuten lang een constant niveau te halen. Groningen komt gewoon te kort voor de Europa League en Ajax kan zich niet meer meten met ploegen als Celtic en Fenerbache.

Al met al komt het er op neer dat we in Nederland nog steeds niet willen beseffen dat het niveau achteruit gaat. Binnenkort is de kampioen van de Eredivisie niet meer rechtstreeks geplaatst voor de Champions League. Als er niet snel nieuwe talenten op gaan staan gaat het Nederlands Elftal het WK van 2018 ook niet halen. En wees nou eerlijk, met spelers die dezelfde instelling hebben als Memphis Depay gaan we het ook niet halen.